Zijn reis

Het verhaal van Stefan

De aankomende tijd neemt ‘ei’genaar Stefan jullie mee op reis nemen door de tijdlijn van Egg-sellent. We beginnen bij het ontstaan en reizen in een aantal weken, via meerdere berichten naar het nu. 

#4 met de kop schudden en door

Ik vertelde dat na een hectische periode een wat rustigere periode aanbrak waarin we verhuisden naar een nieuwe locatie. Dit omdat we op de andere locatie plaats moesten maken. We verhuisden naar de Hertzweg in Alblasserdam en na wat verbouwen hadden we daar ons eerste echte pandje.
In de daaropvolgende tijd hebben we keihard gewerkt aan het professionaliseren van het bedrijf: al het contant ging eruit en werd vervangen voor 400 pinapparaten, we creëerden concrete afdelingen: logistiek, administratie, sales & marketing, we zochten en vonden mensen om deze afdelingen te bezetten (en zo kwam mijn vader in dienst als financieel verantwoordelijke, iets wat ik echt als geweldig heb ervaren), we automatiseerden systemen om intensief terugkerend handwerk zoveel mogelijk te elimineren, we trokken meer leveranciers aan voor spreiding en minder kwetsbaarheid (in geval van bijvoorbeeld vogelgriep), we kochten betere bussen, we lieten een nieuwe website bouwen, marketing werkte keihard aan een goede uitstraling, de boeren kwamen nu iedere ochtend bijna dagverse eieren aanleveren (dus we wisten nog weer een verbeterslag te slaan op het gebied van versheid).
En ondertussen werd er volop ingezet op groei, wat geen windeieren opleverde. Door keihard werken en een zegen op het werk groeiden we in enkele jaren door van 200.000 naar 300.000 eieren.
Dat was ook nodig, want dit alles vereiste flinke financiële investeringen. Zeg maar gerust dat het verdiende geld wederom een bestemming had gevonden. Maar ondanks al het moois eindigde deze periode helaas toch weer met een tegenslag. Voor nu sluiten we in ieder geval positief af, want wat heeft Egg-sellent in deze fase dankzij al haar klanten, medewerkers en Egg-sperts een mooie slag mogen slaan.

#3 door op wilskracht

Na het afronden van mijn studie hbo Commerciële Economie besloten we officieel verder te gaan met Egg-sellent en geen carrièreswitch te maken. We gingen er nog harder tegenaan en flyerden er op los in Ridderkerk, Sliedrecht, Hardinxveld-Giessendam, Gorinchem, Alblasserdam, Barendrecht, etc. In de ochtend deden we kantoorwerk, overdag bezorgden we eieren en in de avond gingen we nieuwe wijken in of voerden we kennismakingsgesprekken met nieuwe jongeren. We gingen als een raket, maar er kwamen ook tegenslagen zoals fipronil in de eiermarkt, aanhoudende vogelgriep, inbraken & oplichting/diefstal op verschillende fronten, ongewenste & oneerlijke concurrentie, schades & andere kosten, het contante geld moest over op digitaal en een mislukte poging om een app te bouwen die veel geld kostte.
Zo is het niet alleen maar een succesverhaal, wat sommige mensen wel dachten als ze keken naar wat voor ogen was, maar het tegenovergestelde was op sommige momenten de waarheid: zo nu en dan gingen we langs het randje van de afgrond. Maar ondanks de tegenslagen bleven we toch moed putten, ons sterk voelen met name door ons geloof, en biddend kregen we steeds net genoeg om weer vooruit te kunnen, soms zelfs door een wonder! En zo groeiden we door meerdere jaren heen van 100.000 naar 200.000 eieren en inmiddels liepen er ongeveer 400 jongeren.
Omdat de garages te klein werden waren we ondertussen verhuisd naar een opslag in Zwijndrecht en deze bevond zich in een pand van een goede kennis van mijn vader die ons enorm heeft geholpen. Ook heeft hij door bovenstaande tegenslagen met ons onder het dak wel wat moeten verdragen, waarvoor we hem tot vandaag de dag dankbaar zijn. Mede omdat we zelf simpelweg niet genoeg geld hadden om een pand te huren vanwege de tegenslagen en omdat iedere euro een nieuwe wijk in ging.

Hierna volgt een rustigere periode waar ik jullie volgende week meer over vertel.

#2 Eggxpansion

De vorige keer vertelde ‘ei’genaar Stefan meer over de roots, oftewel de start van Egg-sellent. In deze blog vervolgen we de stappen die we daarna op de tijdlijn maakten, want het bleef natuurlijk niet bij 40 jongeren…

De brug over

Toen Dordrecht langzaam maar zeker ‘vol’ liep, gingen we door. We staken de Papendrechtse en Zwijndrechtse brug over en begonnen ook daar flink aan de weg te timmeren. Tijdens mijn MBO en later mijn deeltijd HBO (in 2014) gebeurde dat allemaal in de beschikbare vrije uurtjes, en eerlijk is eerlijk: vanaf dat moment liep het een beetje uit de hand. Binnen de kortste keren bleek de schuur van mijn vader veel te klein voor alles wat erbij kwam kijken. Gelukkig hadden we een geweldige oplossing dichtbij huis: mijn buurman Jack was zo aardig om zijn schuur beschikbaar te stellen. Zo hadden we ineens egg-stra ruimte en konden we weer even vooruit.

Ondertussen groeide het aantal verkochte eieren zo hard, dat we al snel meer verkochten dan mijn kennis, de eierboer. Sterker nog: de rollen draaiden compleet om, hij kwam ineens bij ons inkopen. Dat ging overigens niet onopgemerkt: door het gewicht van zijn bus reed hij de tegels van de gedeelde oprit kapot. Ook ons vervoer groeide mee met het bedrijf. De Renault Kangoo werd ingeruild voor een Volkswagen Caddy Maxi. Rond diezelfde tijd maakte mijn zus een logo en hadden we voor het eerst bestickering op de auto, een mijlpaal, want Egg-sellent begon steeds meer een echte, herkenbare naam te worden.

Groei

Niet veel later schaften we een Iveco Daily aan om nog meer eieren te kunnen uitrijden. Ook deze bus werd natuurlijk bestickerd. Vanaf dat moment veranderde er nog iets belangrijks: de eieren werden niet langer in rolcontainers geleverd, maar voortaan op pallets. Alles werd groter, professioneler en serieuzer. En toen ging het écht hard. Na weer een korte tijd startte onze eerste fulltime kracht. Daar hoorde natuurlijk ook een extra bus bij… en wát voor één. Een joekel van een wagen. Wij noemden dit met trots het vlaggenschip van Egg-sellent.

Ondanks al die groei vonden we het belangrijk om ook iets terug te doen. Elke week brachten we alle overgebleven eieren naar de Voedselbank, zodat ze terechtkwamen bij mensen die het hard nodig hadden. En naast deze donaties sponsorden we de Voedselbank ook op een andere manier: door hun bus te voorzien van ons logo. Inmiddels verkochten we rond die tijd zo’n 100.000 eieren per week en liepen er ongeveer 200 jongeren mee.

#1 The Start of a Journey

22 jaar geleden, kwam ‘ei’genaar Stefan op 10-jarige leeftijd, op het idee om verse eieren van de boerderij bij hem in de straat te verkopen. Lees meer over hoe dit idee is uitgegroeid tot een succesvol bedrijf.

Een kennis van mij was eierboer en wilde wekelijks wel eieren bij mij thuis komen leveren, maar ik moest zelf een bolderkar regelen en mijn eerste klantjes werven. Zo gezegd, zo gedaan. Ik maakte briefjes, deed die bij mij in de straat door de brievenbussen en belde een paar dagen later aan om te vragen of mensen klant wilden worden. Het leuke vind ik dat de redenen van mensen om klant te worden vandaag de dag nog steeds dezelfde zijn als 22 jaar geleden: een tiener uit de straat toont een initiatief, iets wat mensen steunen en waarderen, de eieren komen van een boer met eigen pakstation en zijn dus veel verser dan in bijvoorbeeld de supermarkt, mensen zijn niet verplicht om iedere week te moeten kopen en anderzijds kunnen ze zonder vooraf te bestellen ook grote, of juist heel kleine hoeveelheden afnemen: vers maatwerk, ergens geeft het mensen een gevoel van nostalgie; een bolderkar, een vers product, aan huis, het persoonlijke contact, net als vroeger!

In het begin had ik ongeveer 60 klantjes en verkocht ik ongeveer 420 eieren per week. En het leuke was dat ook mijn kameraad Richard besloot om als bijbaan eieren te gaan verkopen. Hij startte een wijk op bij hem in de buurt en wekelijks maakten we er een wedstrijdje van wie de meeste eieren verkocht. Omdat klanten mij steeds naar nieuwe adressen bleven sturen, werd 1 avond al snel opgevolgd door een tweede en later derde avond. Maar toen al mijn beschikbare avonden bezet waren leek de uitbreiding gelimiteerd. 

Of toch niet? Want mijn broertje, Jochem, die het al een tijdje leuk vond om mee te lopen, gaf aan dat hij wel graag een eigen eierwijkje zou willen gaan lopen. En dat bracht me op het idee wat vandaag, 22 jaar later is uitgegroeid tot het concept vandaag de dag: ik regel een bolderkar, maak een looproute in een nieuwe wijk, werf klantjes en stel mijn broertje voor aan de mensen die klant worden, ik loop nog een weekje mee, dan gaat mijn broertje zelfstandig aan de slag en laat hem per ei een leuk bedrag verdienen.

Zo pakte ik het aan. En mijn broertje? Die was dik tevreden! Alleen dat had wel gevolgen, want binnen de kortste keren ging de telefoon ‘Ja met je neefje Sven, ik zou het ook leuk vinden om hier in de wijk eieren te verkopen, kan dat?’. Hier hoefde ik niet lang over na te denken: ‘Ja, natuurlijk,’ zei ik, en binnen paar weken was ook hij up en running. Omdat ik in aantallen hierdoor iets uitliep op Richard, besloot ook hij om iemand te gaan benaderen, en met succes. 

Ik had de smaak te pakken en besloot actief jongeren te gaan benaderen met de vraag of ze interesse hadden in een leuk bijbaantje. Bij interesse gaf ik bij hen thuis al de informatie waarna de formule werd uitgerold. Op 18-jarige leeftijd liepen er ongeveer 40 jongeren en bezorgde ik eerst in de Fiat Seicento van mijn moeder (Richard in de auto van zijn moeder) en later in een gele Renault Kangoo de eieren bij de jongeren thuis.

Ook berekende ik van al de jongeren hun verdiensten op basis van hoeveel eieren ze verkocht hadden. Iedereen was blij; de klanten, de jongeren en ik. De enige die niet altijd even blij waren, waren mijn vader en moeder, want mijn moeder was om de haverklap haar auto kwijt en mijn vader zag zijn schuur veranderen in een eier-opslag haha! Maar desondanks printte hij nog altijd mijn klanten werf flyers bij hem op de zaak.